Mandy (15): ‘Had ik die middag niet dat hek beklommen, dan had ik nu nog alle tien mijn vingers gehad. Maar de realiteit is dat ik nu aan mijn rechterhand mijn ringvinger mis.’

Ongeluk

‘Die woensdag in april was ik samen met vriendinnen aan het chillen bij de sportvelden vlakbij SnowWorld. Aan de andere kant van het hek zag ik een vriendin die ik gedag wilde zeggen. Er zat een zigzagpoortje verderop in het hek, maar dat was drie minuten lopen. Dus ik dacht: ik klim er wel even snel overheen. Het was een hoog hek, ongeveer tweeënhalve meter hoog, en op de bovenkant zaten van die kleine, scherpe puntjes. Bovenaan het hek wist ik meteen dat het me niet zou lukken over die scherpe puntjes te klimmen. Ik besloot op dat moment om weer terug te springen. Ik had alleen niet gemerkt dat de ring van mijn rechterhand achter zo’n scherpe punt was blijven haken. Op het moment dat ik sprong, trok ik dus mijn vinger van mijn hand’

112

‘Pijn. Ongelofelijke, enorme pijn. Maar het gekke was: het was pijn waar ik niet bij leek te kunnen, alsof het buiten mij om ging. Het eerste wat ik riep was: “Bel 112!” Mijn vriendinnen dachten dat ik niet serieus was, totdat ik ze mijn hand liet zien. Een vriendin moest bijna overgeven, een ander begon te huilen. Ze hebben het alarmnummer gebeld en zijn in de tussentijd alvast hulp gaan zoeken, omdat het bloed uit mijn hand bleef spuiten. Wat me het meest verbaasde, was dat het zo lang duurde voordat iemand wilde helpen. Een man op de fiets, vrouwen die aan het hardlopen waren: mijn vriendinnen vroegen in paniek om hulp, maar ze werden keihard genegeerd. Nog steeds kan ik dat niet bevatten. Waarom draai je je hoofd weg als iemand je om hulp vraagt? De mensen om het voetbalveld waren gelukkig behulpzamer. De trainer heeft daar meteen zijn training platgelegd en iemand heeft mijn hand verbonden met zijn T-shirt.’

Shock

‘Tijdens het wachten op de ambulance heb ik gevraagd of iemand een foto wilde maken van mijn hand. Achteraf denk ik: waarom vroeg ik dat? Mijn vinger lag eraf! Ik heb de foto nog steeds, maar laat hem niet vaak zien aan anderen. Het is een heftige foto. De ambulance ging meteen door naar het ziekenhuis in Rotterdam – ruim twintig minuten van waar ik woon – waar ze gespecialiseerd zijn in handen. Ik kreeg intussen morfine en ketamine, zware verdovingsmiddelen die soms ook als drugs worden gebruikt. Het haalde de scherpe randjes van de pijn af, maar ik bleef het voelen. De trainer die me al eerder te hulp was geschoten, had mijn vinger aan de andere kant van het hek gevonden. In een zak met ijs is mijn vinger toen meegenomen in de ambulance.’

Akelige wond

‘Al die tijd had ik niet gehuild. Maar toen mijn moeder het ziekenhuis binnenkwam en ik de angst in haar ogen zag, brak ik. De artsen onderzochten mijn hand, die nog steeds helemaal verpakt zat om het bloed te stelpen. Ze waarschuwden mijn moeder dat het een akelig gezicht zou zijn. Zelfs voor hen was het heel heftig. Mijn moeder heeft toen niet gekeken. Ik wel. Ik wilde kijken hoe erg ik eraan toe was. En dat beetje hoop dat ik nog had, werd al snel de grond in geboord. Vanaf de plek waar mijn ring had gezeten, was mijn vinger er helemaal af. Alle zenuwen en pezen waren stukgetrokken. Er stak alleen nog een stuk bot uit met wat bloed eraan. De boodschap was hard: met geen enkele operatie kon mijn vinger weer aan mijn hand worden gezet.’

In Nederland verliezen twaalf mensen per jaar hun vinger.

Handversmalling

‘In totaal heb ik acht dagen in het ziekenhuis gelegen. De operatie die ik de dag na het ongeluk onderging, is geslaagd. De artsen hebben het hele bot van mijn ringvinger weggehaald, dus ook het bot dat nog in mijn hand zat. Op de plek waar eerder mijn ringvinger zat, zit nu mijn pink. Ik heb daarna een halfjaar een brace gedragen om de botten van mijn hand in de juiste richting te laten groeien. Vaak valt het mijn omgeving niet eens op dat ik nu maar vier vingers heb aan mijn rechterhand. Wie gaat nu al je vingers tellen? De meeste mensen staan versteld hoe mooi mijn handversmalling is gelukt. Soms hoor ik weleens op het schoolplein iemand fluisteren: ‘Dat is dat meisje die een vinger mist!’ maar dat doet me niet veel. Ik maak er soms zelfs grapjes over in de les.’

Lees ook: True Story: ‘Ik trek mijn eigen haren uit.’

Niet gebroken

‘Het ongeluk is inmiddels alweer een paar jaar geleden. Schrijven gaat iets lastiger, net als het oppakken of aannemen van kleingeld. Ik merk dat de kracht in mijn hand toch minder is geworden. Sinds het ongeluk ben ik voorzichtiger geworden, maar toch draag ik nog steeds een ring aan mijn linkerhand. De kans dat me zoiets nog een keer overkomt, is namelijk ontzettend klein. Daarnaast let ik veel beter op. Met sporten doe ik altijd mijn ring af. En ik zal ook nooit meer over een hek klimmen. Met mijn verhaal wil ik andere mensen waarschuwen: ongelukken zitten in een klein hoekje. In die zin heb ik geluk gehad. Het had veel erger kunnen aflopen. Als aandenken heb ik de ring van het ongeluk als hanger aan mijn ketting. Hij is helemaal ovaal getrokken door de kracht van het ongeluk, maar niet geknapt. Net als ik, want ook ik ben niet gebroken:  ik sta nu honderd keer sterken in het leven dan voor het ongeluk.’

LEES OOK:

Beeld: Gettyimages

Bron: CosmoGIRL! 02, 2017