True story

True story: ‘Ik voel me niet meer veilig in mijn eigen huis’

Het huis van Noëll (22) werd twee weken lang in de gaten gehouden, voordat vreemden ‘s nachts haar achterdeur probeerden open te breken.

‘Ik woon in een straat met allemaal vrijstaande en vrij prijzige huizen. Die huizen staan maar aan één kant van de weg. Daar tegenover ligt een grasveld en zijn er blokken met parkeerplekken, waar ongeveer zeven auto’s kunnen parkeren. Tegenover ons huis ligt zo’n blok met parkeerplekken. De stoel in de woonkamer waarin ik altijd zit, staat precies in zo’n hoek dat ik wel naar buiten kan kijken, maar mensen mij niet kunnen zien. Omdat er maar zo weinig huizen in onze straat staan, herken ik vrijwel elke auto die er parkeert. Vlak bij ons is een groot bos, en daarom parkeren mensen ook wel eens hun auto als ze een boswandeling gaan maken.’

Parkeerplek

‘Twee weken voordat het allemaal gebeurde, ging er steeds een auto bij ons op de parkeerplaats staan. Het waren geen mensen die naar het bos gingen, want ze bleven in de auto zitten. Hun gezichten kon ik niet goed zien, maar hun silhouetten wel. Eerst schonk ik er nog geen aandacht aan, maar na een tijdje ging ik de auto toch vanuit mijn stoel in de gaten houden. De personen in de auto deden niets. Ze waren niet aan het bellen, ze makten geen aanstalten om naar het bos te gaan, ze zaten er gewoon. Te kijken. En zo veel viel er vanaf die parkeerplaats niet te zien, behalve…ons huis.’

True Story: ‘Je kunt depressief zijn EN GELUKKIG, en je kunt suïcidaal zijn EN DOORGAAN MET LEVEN’

In de gaten houden

‘De auto stond er dan tien tot vijftien minuten voordat-ie weer wegreed. Ik kreeg er een heel naar onderbuikgevoel van. Ik wist meteen dat het niet goed zat. Het gebeurde een stuk of vier, vijf keer in die twee weken. Achteraf denk ik: ik had het kenteken moeten opschrijven. Dat is mijn tip voor iedereen die ooit in dezelfde situatie belandt als ik: schrijf het kenteken op en onthoud hoe die auto eruitziet. Maar dat weet ik nu. Op dat moment heb ik alleen tegen mijn vader gezegd dat ik er geen goed gevoel bij had, maar mijn vader wist me snel gerust te stellen. Het was waarschijnlijk niets. En zo begon ik zelf ook te denken. Waarschijnlijk was het ook niets. Maar kort daarna ging het toch mis.’

Afgeramd

‘Die bewuste dag ging ik ‘s ochtends naar beneden en wilde ik door de achterdeur naar buiten. Maar dat ging niet. Ik kon de klink wel bewegen, maar de deur ging niet open en ik wist zeker dat de deur niet op slot zat. Omdat de deur best oud is, vond ik het nog niet heel gek. Ik riep mijn vader erbij en toen zagen we het: van de buitenkant was de deur compleet gesloopt. Het slot dat erop zat, was er helemaal afgeramd. Ik schrok enorm, want mijn slaapkamer zit precies boven de achterdeur. Ik ben best wel een vaste slaper, maar ik heb niets gehoord. Een ontzettend eng idee, want ze moeten behoorlijk wat lawaai hebben gemaakt.’

Schuiven

‘We hebben twee schuiven op de deur – één aan de bovenkant en één aan de onderkant – en eigenlijk gebruikten we die nooit. Toeval of niet, mijn vader heeft die avond daarvoor dus de schuiven gebruikt. Ik denk dat dat ons grote geluk is geweest want nog twee klappen meer, en ze hadden wel binnen gestaan. Dat is een heel eng idee. Mensen bij wie spullen zijn gestolen, zeggen ook: dat er wat gestolen is, is niet het ergste. De meeste mensen zijn verzekerd tegen diefstal. Het is de gedachte dat vreemde mensen bij jou in huis zijn geweest. En dat heb ik dus ook.’

True Story: Skylar Richardson werd onschuldig bevonden voor het doden van haar pasgeboren baby na prom

Nare gedachte

‘Ik denk dat we al die tijd in de gaten zijn gehouden. Misschien vind ik dat nog wel het engst van alles. Dat er mensen zijn die bijhielden hoe laat we naar bed gingen, hoe laat we thuiskwamen, hoeveel mensen er woonden, of we een hond hadden, of we de deur goed op slot deden. Nog steeds vind ik dat een hele nare gedachte. Je huis is juist de plek waar je normaal gesproken volkomen op je gemak bent. Maar dat was daarna wel over. Zodra ik geluiden hoorde, zat ik meteen rechtop in mijn bed. De eerste weken nadat het gebeurd was, ben ik weleens gewapend met een huishoudschaartje naar beneden gegaan om te kijken of er echt niemand was. Het heeft mijn leven behoorlijk beïnvloed.’

Geen antwoorden

‘Ik heb met veel vragen gezeten. Wat was er gebeurd als het wel gelukt was om binnen te komen? Waren ze alleen beneden gebleven of hadden ze ook mijn kamer doorzocht? Wie waren het überhaupt? Waarom hadden ze het uitgerekend op ons huis gemunt? Zoveel vragen waarop we nog steeds geen antwoord hebben. Het is al drie jaar geleden en het heeft lang geduurd voordat ik er overheen was. Ik was, en ben af en toe nog steeds, bang in mijn eigen huis. Mijn vader werkt heel veel, wat betekent dat ik veel alleen thuis ben. We hebben nu extra politiesloten, tralies voor een bepaald raampje en een poort naar ons huis toe. Allemaal om ervoor te zorgen dat inbrekers niet meer zo makkelijk kans maken.’

Voorgoed weg

‘Ik snap ook niet wat inbrekers bezielt. Zoek werk of vraag een uitkering aan, maar blijf van andermans spullen af. De daders zijn nooit gepakt. Daardoor heb ik heel lang slecht geslapen, omdat ik bang was dat ze misschien terug zouden komen. Het onbezorgde gevoel dat ik eerder had in mijn eigen huis, is weg. Zelfs jaren later reageer ik nog steeds snel op vreemde geluiden in de nacht. Dat is ook wat mij zo boos maakt. Niet eens dat ze spullen wilden stelen, maar dat je gevoel van veiligheid voorgoed is veranderd.’

LEES OOK:

Bron: Issue #11, 2018 | Beeld: Getty Images

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Gerelateerde artikelen