Een middagje studeren.

Ik heb mijn hele leven lang thuis gestudeerd. Wanneer ik uit school kwam trok me tot 10 uur ’s avonds terug in mijn kamer en zat ik met mijn neus in de boeken. Het was er heerlijk stil en ik had van niemand last. Nu ik in Amsterdam woon, is dat wel anders. Als ik niet gestoord word door de tram, is het wel mijn bovenbuurman met zijn muziek. Is het de bovenbuurman niet, dan zijn het wel rondscheurende scooters, sirenes of mijn andere buurman met zijn muziek. Laten we zeggen dat het er gewoon. Nooit. Rustig. Is. En dat maakt iemand zoals ik, die geen enkel geluid verdragen kan, helemaal kierewiet.

En dus besloot ik op een dag dat het afgelopen was. Kwam de rust niet naar mij, dan ging ik de rust wel zelf opzoeken. Ik zou voor de eerste keer gaan studeren op een plek waar ik alleen nog maar geruchten over had gehoord: de bibliotheek. De plek met duizenden zitplaatsen waar je rustig scheen te kunnen studeren.

Verlaag die duizend zitplaatsen maar naar zo’n stuk of tien, want de bibliotheek bij mij om de hoek was minuscuul. Als er geen servicebalie stond, had ik geloofd dat het gewoon een uit de kluiten gewassen huiskamer was. Een bank, een tafel met wat stoelen en een verzameling boeken op lelijke planken. That’s it.

Blijkbaar hadden meerdere mensen het idee om hun maandag te verpesten door te leren in de bibliotheek, want de weinige plekken die er waren in de reusachtige huiskamer, waren allemaal bezet. Na in paniek om me heen te hebben gekeken, kwam ik tot de conclusie dat ik nog maar één optie had: de tafel pal naast de drukbezochte servicebalie.

Na vijf minuten met mijn boeken op tafel besefte ik dat dit een grote fout was. Schreeuwende huismoeders liepen af en aan. Krijsende kinderen hingen over de balie heen. Een handjevol oma’s hield uitgebreide gesprekken bij de romans. En dan heb ik het nog niet eens gehad over het belgedrag van de wat oudere generatie. Kennelijk bestaat er een regel om zo hard mogelijk in de hoorn te praten en het geluid van de telefoon altijd aan te hebben. De luidruchtige jeugd van tegenwoordig? De ouderen kunnen anders ook voor flink wat geluidsoverlast zorgen.

'Nee, schieten. Het boek heet Zwanen Schieten mevrouw. Schie-ten.' Deze zin heb ik zo’n vier keer gehoord uit de mond van een wat oudere vrouw. Iedere bibliotheek in heel Amsterdam belde ze op. Het was een echte doorzetter, want hoewel geen enkele bibliotheek het boek bezat, bleef ze stug doorbellen. En hard.

Op dat moment, aan de tafel pal naast de servicebalie op een rottige maandagmiddag, kwam ik tot de conclusie dat de mythe van de stille bibliotheek niet op waarheid was gebaseerd. Ik zou graag iets anders hebben beweerd, maar studeren in een bieb was de hel. Ik hield het er nog geen dertig minuten uit. De volgende keer ga ik gewoon weer studeren in mijn rumoerige maar toch niet zo rumoerige appartement. Alles beter dan de plek met te weinig zitplaatsen en schreeuwende bejaarden.