De zwaarste dag ever

Eigenlijk ben ik iedere dag van de week vrolijk. Ik sta (meestal) zonder moeite op nadat de wekker is gegaan en ga fluitend de dag door. Ik ben dan ook niet zo bang voor de maandag als anderen. Ik heb het altijd vreemd gevonden dat een maandag 'zwaarder' is dan alle andere dagen. Het is toch niet zo dat het universum de gehele mensheid op de maandag wilt pesten? Daar geloof ik niks van. Tot afgelopen maandag. Want op het moment dat ik deze blog zit te schrijven zijn we nog niet eens toe aan het avondeten, en mijn dag is één grote hel. Maandag, zucht…

Dat opstaan ging net als de andere dagen redelijk goed. Maar ik merkte al snel dat dit niet mijn dag ging worden, toen het tot me doordrong dat ik met mijn koffer naar het station moest, en er niemand was om me te brengen. Dat betekende dat ik afhankelijk was van de bus, die een half uur later zou vertrekken. Oh, en had ik al verteld dat ik mijn koffer op dat moment nog helemaal moest inpakken en de tocht naar de bus ook minstens 5 minuten ging kosten?

Blijkbaar zijn de wonderen de wereld nog niet uit, want ik kwam precies op tijd bij de bushalte aan. Nu zou het helemaal goed moeten komen. Not. Want toen ik eindelijk aankwam op het station reed de trein letterlijk voor mijn neus weg. Dus mocht in de kou (de herfst is nu echt begonnen) een half uur extra wachten. Had ik net zo goed langer in mijn bed kunnen blijven liggen. Als ik maar op tijd op school zou komen…

Eenmaal gearriveerd in Den Bosch wachtte ik op de trein naar Schiphol. Wat denk je? De trein rijdt niet, surprise! En dus kon ik weer een halfuur extra wachten. Ach, waarom ook niet? Ik heb toch niets beter te doen, die school wacht wel op me. Ahum.

Na heel wat gedoe, gepuf en gekreun was ik eindelijk heelhuids én op tijd op school aangekomen. Terwijl ik naar de les liep en even mijn telefoon checkte op gemiste berichtjes, kreeg ik een mail van mijn docent binnen. Ze was ziek, dus de les viel uit. Natuurlijk, dat kon er ook nog wel bij. Dus had ik voor niks die enorme wereldreis gemaakt.

Omdat ik in de ochtend zo’n haast had, had ik geen eten voor mezelf klaargemaakt. De honger overviel me en ik besloot voordat ik naar huis ging eerst nog iets te kopen in de kantine. Ik had een heerlijk broodje uitgekozen en kon niet wachten om mijn tanden erin te zetten. Maar dat broodje werd al snel onbereikbaar, want de kantine had een pin-storing. En aangezien ik geen contant geld bij me had, moest ik het broodje met pijn in mijn hart en een gat in mijn maag wegleggen. Het zat ook niet mee.

Toen zat er nog maar één ding op. Ik ben naar huis geracet (voor zover een tram kan racen), heb uit frustratie een halve chocoladereep opgegeten en ben toen onder de dekens gaan liggen. Ik háát de maandag!