Lees meer!

Nederland heeft de afgelopen dagen zulk lekker weer gehad en iedereen geniet er met volle teugen van. Ik vind het in ieder geval heerlijk om elke ochtend begroet te worden door zonnestralen.

Het geeft je een reden om elke dag lekker naar buiten te gaan en te genieten van de dag. Mij hoor je niet klagen over deze lekkere lente… Behalve over een ding.

MUGGEN.

Ja, hartstikke leuk die mooie zonnige dagen, maar elk jaar met dit weer komen die idiote beesten ook weer tevoorschijn. Er is niks vervelender dan te moeten luisteren naar dat irritante gezoem als je probeert te slapen.

Die domme muggen komen gewoon, heel brutaal zonder aankondiging, je kamer ingevlogen en dagen je van een afstand uit. Slapen gaat mij de laatste tijd al niet zo makkelijk af dus bedenk je maar eens in hoe blij ik word van die kleine duivels.

Vannacht was het weer zo ver. Ik hoorde een bzzzz. Licht aan. Nergens een mug te bekennen. Licht uit. Bzzz, in mijn oor. Ik doe mijn nachtlamp aan. Ik zie de mug chillen op een muur. Als een ninja spring ik uit mijn bed, doe ik een radslag en een koprol en plet ik de mug dood op de muur. Erg vies en misschien onwijs gemeen maar ik ben toch enorm opgelucht. Ik kan weer slapen.

Bzzzz…

Ik doe een oog open. Ik vloek. Muggen zijn net als muizen. Ze komen nooit alleen feesten. Het gezoem gaat door. Ik word uitgelachen door de mug. Grof geschut moet er aan te pas komen. Ik pak mijn elektrische muggenmepper. Degene die dit barbaarse ding heeft uitgevondenm had waarschijnlijk net zo'n hekel aan muggen als ik en ik ben hem dankbaar. Ik voel me in ieder geval altijd erg bad ass als ik in de weer ben met dat ding.

Als Frankee the mosquito slayer mep ik wat om me heen. Nadat ik een paar keer iets hoor knetteren, ben ik ervan overtuigd dat ik alle muggen uit mijn kamer heb verbannen. Vermoeid, bezweet en onwijs gelukkig duik ik weer onder de dekens.

Ik doe mijn ogen open. Ik kijk naar buiten en zie de zon schijnen. Ik glimlach. Terwijl ik mij klaarmaak voor weer een zonnige dag zie ik een reflectie van mezelf in de spiegel.

Twee muggenbulten zo groot als erwten glimmen op mijn voorhoofd.

Ik zie er uit alsof ik hondsdolheid heb. Ik gil en verdoem alle muggen in de wereld. Ergens zit er een dikke mug gevuld met mijn bloed mij uit te lachen en ik kijk naar buiten, wensend dat het regent, zodat ik een reden heb om binnen te blijven.

Frankee