Later als ik groot ben…

‘Wat wil je worden als je groot bent?’ Die vraag krijgt iedereen wel één keer in zijn/haar leven te horen. 

‘Toen ik jong was wilde ik astronaut worden, of de eerste vrouwelijke president’, vertelt mijn juffrouw tegen de klas. ‘Waarom ben je dan lerares geworden?’ vraagt een meisje achter mij. ‘Het leven gaat niet altijd zoals je hoopt, maar dat betekent niet dat wat ik nu doe niet leuk vind hoor…’ Ze zei het met zo’n teleurstelling in haar stem, dat ik dat moment nooit ben vergeten. Het was alsof haar laatste hoop om haar dromen waar te maken verdween met dat ene zinnetje.

Na het inslikken van haar emoties wilde onze lerares dat we allemaal een tekening maakten van ons droomberoep. Ik weet niet waarom, misschien was het mijn fascinatie voor Bambi en zijn vriendjes toentertijd, maar ik tekende een stinkdier. Missie geslaagd denk ik zo, want elke ochtend rol ik uit mijn bed als een of ander wild stinkdier.

Naast mijn ambitie om het beste stinkdier ever te worden, heb ik tijdens mijn tienerjaren ook andere droomberoepen in gedachten gehad. Zo wilde ik mijn eigen hotel hebben, een Spice Girl zijn, acteren in een hele leuke TV-serie, verhalen schrijven en/of de beste vriend worden van Oprah Winfrey.

Daarnaast zag ik mezelf wonen in een mooi penthouse met een schattig mopshondje en een superleuke partner. Genietend van het leven met mijn vriendengroep waar Nicole Richie, Drew Barrymore en Sarah Jessica Parker ook bij hoorden. Met z’n allen zouden we de wereld over gaan om ons in te zetten voor alle zielige dieren. Een beetje zoals ‘The Avengers’ zouden we strijden tegen het slechte in de wereld, maar dan met een betere outfit en mooiere schoenen.

Jaren later is het dan zover. Ik ben ‘groot’, ‘volwassen’ en het is ineens ‘later’. Ik ben niet de beste vriend van Oprah Winfrey geworden, in ieder geval nu nog niet. Ik ben geen Spice Girl en ik heb geen eigen hotel. Mijn lerares had gelijk. Het leven neemt inderdaad allerlei verrassende wendingen die je niet kunt voorzien. Maar waar zij de hoop verloor, heb ik mezelf aangepast aan de situaties en kansen die mij zijn voorgeschoteld.

Ik woon niet in een penthouse, maar in een appartementje dat aan alle kanten uit elkaar valt. Niet met een leuke partner, maar wel met een heel leuk huisgenootje. Geen mopshond te bekennen, maar wel twee hele lieve poezen. En ook al heb ik Nicole Richie niet onder speed-dial staan, ik heb wel een hele lading vriendinnen die voor mij door het vuur gaan.

Het ‘plaatje’ dat ik nu ‘bereikt’ heb, is misschien niet zoals ik het mij had voorgesteld vroeger. En de leuke echtgenoot, het mooie appartement en de dikke mopshond zijn nu nog nergens te bekennen in mijn leven, maar wat nog niet is… kan nog komen.

Frankee