Er zijn meer redenen dan je denkt

Je wordt soms stapelgek je ouders, broertje en/of zusje. Het liefst zou je onmiddellijk al je kleding in je koffer gooien en het huis uitgaan. Maar als je weer zen bent, kun je gelukkig weer genoeg redenen bedenken waarom je forever thuis wilt blijven wonen #love.  

1. Er wordt elke avond voor je gekookt. Dat realiseer je je misschien niet altijd, maar het is natuurlijk een enorme luxe dat er elke avond weer een homemade meal voor je neus staat. Dat het niet elke avond yummie is, moet je maar accepteren. Beter dan dat je zelf je boodschappen moet doen en dan ook nog een diner fabriceren. No thanks.

2. Als je wel voor je eigen eten moest zorgen, was je waarschijnlijk geneigd veel vaker dan nu te kiezen voor fast food of kant-en-klaar maaltijden. Je hebt het niet door, maar je blijft nu dus eigenlijk veel makkelijker (onbewust zelfs) fit and fabulous.

3. Je bespaart ook nog eens bakken met geld die je aan heel andere, veel belangrijkere dingen uit kunt geven: kleren, die veel te mooie clutch of die iets te dure parfum. Als je op kamers woont, heb je daar echt het geld niet voor.

4. Vind je het veel werk om nu je kamer op te ruimen en de vaatwasser in en uit te ruimen? Wacht maar tot dat je boodschappen moet doen, moet koken, kleren wassen, ophangen en strijken, de badkamer en de rest van het huis schoonmaken. Oh en een vies studentenhuis is natuurlijk ook niet alles. Nee, ook hygiënisch gezien is het oost, west, thuis best.

5. Je wordt misschien af en toe knettergek van je familieleden, maar vergeet niet: ze zijn the best. Als jij er even doorheen zit dan zijn ze er voor je. Ze helpen je als dat nodig is. Je kunt bij ze uithuilen. Ze geven je advies en ze maken net op de goeie momenten een grapje. Thuis ben je nooit lang alleen en dat is toch ook wel heel erg prettig.

6. En dat merk je bijvoorbeeld als je denkt dat er wordt ingebroken. Jep, denkt. Het is natuurlijk gewoon de kat die ’s nachts een bloempot omstoot, maar jij durft niet meer te gaan slapen. Nu kan je nog naar paps rennen. Hij redt jullie wel, toch?

7. Oh en dan komen we bij het hoofdstukje katten. We all love katten, maar als jij nu op jezelf gaat wonen kan je die katten (of andere huisdieren) voorlopig wel even vergeten. Waarschijnlijk heb je er het geld niet voor. Vergeet niet dat je ook met zo’n diertje naar de dierenarts moet kunnen gaan en eventuele kosten moet kunnen betalen. Daarnaast ben je vast niet heel de dag thuis. Zielig!

8. Imagine this: jij ligt lekker op de bank voor een marathon Pretty Little Liars. Je moeder komt binnen en vraagt of je niet moet leren voor je tentamens. Er volgt een fikse discussie over of je nu wel of niet gaat leren. Uiteindelijk zet je beledigd de televisie uit en kruip je achter je bureau. Het is afgelopen met je studieontwijkend gedrag. Heel vervelend, maar uiteindelijk ben je je moeder dankbaar. Als zij je af en toe niet stimuleert en motiveert, doe je misschien niet alles wat je had willen doen.

9. Broertjes en zusjes. Ze maken je leven soms tot een hel. Maar vergeet niet dat huisgenoten veel erger kunnen zijn. Ze zijn irritant, praten alleen maar over zichzelf of ze ruimen hun troep nooit op. Als je broertje of zusje dat doet, dan maak je even ruzie en het is weer opgelost. Bij huisgenoten is dat een ietwat ingewikkeldere kwestie. Hoe ga je dat tactisch oplossen? Believe us, het leven is echt zo slecht nog niet bij paps en mams.

Fotografie: Peter Rosa/Studio D.